NAAR STARTPAGINA

 

Elk lid van onze vereniging ontvangt ons tijdschrift SAAMTREK om de twee maand. Ons tijdschrift verschijnt ook in Nederland voor alle leden van de NZAW (De Nederlands-Zuid-Afrikaanse Werkgemeenschap) Hierna volgt een artikel uit een recent nummer.

 

(On)vergelijkbare grootheden?

 

Graag neem ik U mee op een gedachtenexperiment. De Verenigde Staten hebben een ambassade en een consulaat in Brussel. Stel nu dat op deze posten ook mensen zouden werken die niet helemaal de functie uitoefenen die op hun visitekaartje staat. Ik acht het niet uitgesloten dat enige Amerikaanse consulaire of diplomatieke ambtenaren een beetje bijbeunen voor de CIA, zeg maar de sectie stiekem van de diplomatieke wereld.

 

Stel nu dat een van de bijbeunende diplomaten bij wijze van uitzondering eens behoorlijk Frans en ook nog een mondje Arabisch zou spreken en goede contacten zou hebben in de Brusselse wijk Molenbeek. Dan zou het zo maar hebben kunnen gebeuren dat hij in een Molenbeeks theehuis de broers Salah en Ibrahim Abdeslam tegen het lijf gelopen zou zijn. Als hij dan ook nog geld en enige culturele bagage  - al is dat laatste wel schaars bij Amerikanen - tot zijn beschikking zou hebben gehad, zou het zomaar mogelijk geweest zijn dat hij vroegtijdig informatie had kunnen verkrijgen over de voorgenomen aanslagen in Parijs.

 

Wat zou er nu gebeurd zijn als deze als diplomaat vermomde CIA-agent een van de vijfendertig Brussels politiediensten tijdig geïnformeerd zou hebben over die voorgenomen aanslagen, en voor de zekerheid - omdat hij ook wel weet hoe goed de samenwerking tussen de Brusselse diensten verloopt - ook het reisschema van de broers Salah en Ibrahim Abdeslam aan de Parijse politie zou hebben door gegeven. Waarschijnlijk zouden de aanslagen in Parijs voorkomen zijn en zouden de beide heren Abdeslam, zo niet in Brussel dan toch kort over de Franse grens zijn aangehouden en voor langere tijd in een waarschijnlijk eenzame Franse gevangeniscel zijn beland. Niet op Duivelseiland want dat is gesloten, maar vast niet in een moderne inrichting zoals wij die in Nederland kennen.

 

Maar wat zou er met de betreffende CIA-agent gebeurt zijn als dit hele verhaal was uitgekomen? Ongetwijfeld een promotie en met een beetje geluk - of pech afhankelijk van Uw politieke kleur - zou hij op het Élisée zijn ontvangen om uit handen van president Hollande in hoogst eigen persoon de versierselen behorende bij opname in het Legioen van Eer te onvangen. Een “twijfelachtige eer” die hij dan zou hebben gedeeld met linkse Nederlanders als Hedy d’Ancona en Nebahat Albayrak, of Belgische solisten als Joseph Wauters of Freddy Thielemans. In elk geval zou de CIA-er niet met pek en veren bedekt door de straten van Molenbeek zijn gevoerd.

 

Helaas we weten allemaal dat het niet zo is gegaan. Niemand had contacten in Molenbeek, niemand werkte samen, een aantal gevaarlijk terroristen kon ongehinderd van Brussel naar Parijs reizen met alle gevolgen van dien.

 

Daarom neem ik U een halve eeuw terug in de geschiedenis en verplaatsen wij ons schouwtoneel ook een paar duizend kilometer naar het Zuiden, naar een van de donkere voorsteden van Durban. Donald Rickard was toen vice consul voor de Verenigde Staten in Durban, ook hij beunde bij als CIA-agent, gespeliseerd in contra terrorisme, en met goede contacten in bedenkelijke milieu’s. Zuid-Afrika werd in die tijd geteisterd door kleinschalige maar wel erg pijnlijke aanslagen van een geradicaliseerde partij.  Hij weet het vertrouwen van een aantal zwarte vrienden te winnen en komt er achter dat de leider van die partij en degene die in elk geval politiek verantwoordelijk is voor de geweldadige koers van de partij vermomd als chauffeur van Durban naar Johannesburg zou rijden. Rickard is er van overtuigd dat de man gevaarlijk is: “Hij was de gevaarlijkste communist buiten de Sovjet Unie” en “Hij moest gestopt worden want hij stond op het punt een rassenoorlog te beginnen.” Richard aarzelt geen minuut en belt de Zuid-Afrikaanse politie, die toen nog wel heel efficiënt kon werken. Binnen een mum van tijd is een wegversperring opgesteld en wordt de gevaarlijke verdachte door de Zuid-Afrikaanse politie aangehouden, om vervolgens voor 27 jaren achter slot en grendel te verdwijnen.

 

Donald Rickard is een professional en weet uit het nieuws te blijven, geen beloning, geen eerbetoon, gewoon een quasi routinematige overplaatsing. 54 Jaar later praat hij met een Britse journalist en vertelt zijn verhaal. Beter laat dan nooit zullen we maar zeggen. Nu zoudt U verwachten dat de man als nog benoemd zou zijn tot Kommandeur in die Orde van die Goeie Hoop, helaas voor hem hij wordt postuum alsnog bedekt met pek en veren.

 

Volgens ANC woordvoerder Zizi Kodwa bevestigt het verhaal van Rickard wat men altijd al geweten had de CIA werkte voor het apartheidsregime. Niet alleen toen maar ook nu, ook de huidige zwarte ombudsvrouw Thuli Madonsela is een CIA spionne anders had zij nooit Zuma kunnen aanklagen wegens corruptie! Het is maar dat U het weet. Geen medaille dus voor Rickard ondanks zijn goede staat van dienst bij de CIA. Zou dat iets te maken kunnen hebben met het feit dat die chauffeur in Durban geen Ibrahim Abdeslam heette, maar Nelson Mandela?

 

Jan de Witt.